Maandblad Vriend des Vaderlands van november 1829 over de Belgische kolonies
| De pdf van dit nummer staat hier op delpher.nl |
|---|
Sjabloon:Maandblad Vriend des Vaderlands over de Belgische kolonies
Pagina 781. Le Philanthrope, recueil publié par ordre de la Comm. Perm. de la Société de Biensaisance, établie dans les Prov. Mérid. du Royaume des Pays- Bas. Ville année, 2e Livraison. Bruxelles, chez ' WEISSEN BRUCH. Octobre 1829.[bewerken | brontekst bewerken]
De leden der Perm. Comm. van de Maatsch. van Weld, in de Zuidelijke Provinciën, hebben op den dag vóór het vertrek van Z. K. H. Prins FREDERIK der Nederlanden naar 's Hage, de eer gehad van tot een bijzonder gehoor toegelaten te worden. De Heer DE STOOP, eerste Advocaat-Generaal, die door de hoosdcommissie en die van toevoorzigt gekozen was geworden, om de plaats in de Perm. Comm. te vervullen, welke open stond, is door Z. K. H. in zij nen post geïnstalleerd geworden. Deze Prins gaat voort met het levendigste belang te stellen in den goeden uitlag der koloniale instellingen en in den bloei der Maatschappij. 2. K. H. heeft de leden der Commissie zeer aange moedigd, om niet in hunnen ijver te verslaauwen, ten einde eene voor de menschheid zoo nuttige instelling te onderschragen.
Over den toestand der landbouwende koloniën in de provincie Antwerpen, gedurende de maanden Augustus, en September 1829[bewerken | brontekst bewerken]
Eenige dagen zonder regen zijn in de maand Augustus genoegzaam geweest, om de inzameling van den graanoogst in de Koloniën bevorderlijk te zijn; deze inzameling heeft zonder de minste schade voor de Maatschappij plaats gehad. Dit voordeel, verkregen boven vele andere landbouwers, moet vooral toegeschreven worden aan het groot aantal werklieden, welke het bestuur der Koloniën kan bezigen in oogenblikken, die spoed vereischen. De haveroogst, welke in de maand September heeft plaats gehad, leed slechts weinig van het regenachtige weder, hetwelk gedurende die maand ondervonden werd. Hoewel men zich reeds vrij algemeen beklaagt over den weinig goeden uitslag, welken de aardappeloogst. dit jaar zal hebben, schijnt het, volgens de jongste berigten uit de Koloniën, dat de opbrengst echter nog aanmerkelijk de hoeveelheid zal overtreffen, waarop het bestuur gemeend had te zullen kunnen hopen. Een zo gelukkigen uitslag zoude men kunnen toeschrijven aan den aard van den grond in de Koloniën, waarvan de altijd meerdere of mindere zanderigheid meer eene te groote hoeveelheid water opsorpt.' De Perm. Comm. is voornemens om later aan het pu blick door middel van tabellen kennis te geven van de hocveelheid van ieder ingezameld voorwerp, alsmede van deszelfs geschatte waarde. De vrije kolonisten zijn gedurende de maanden Augus tus en September gebezigd geworden tot de verschillende inoogstingen, waarvan wij zoo even melding maakten ; zij zijn tevens gebruikt geweest tot het uitplukken van het onkruid op de velden, hetwelk door het regenachti ge weder zeer vermeerderd was. Deze werkzaamheid kan niet nagelaten worden, zonder dat de landbouw er. onder lijdt. De vrije kolonisten hebben zich gedurende de twee maanden, waarvan wij verslag doen, goed gedragen. Echter moet hier melding gemaakt worden van den kolo, nist BINNEMANS, geplaatst door de sub -kommissie van Aniwerpen, die voor de regtbank van Turnhout is gebragt geworden, wegens diesstal van verscheidene scho ven rogge, aan de Maatschappij behoorende. De Perm. Comm. moet zich evenzeer bijzonder be klagen over het huisgezin van PUTTAERT in de vrije koloniën geplaatst door de sub kommissie van Brussel. Het hoosd van het huisgezin schijnt er genoegen in te scheppen om zich te verzetten tegen de pligten, aan de kolonisten voorgeschreven door de verordeningen in de stichtingen ingevoerd. Hem is eene laatste waarschuwing gedaan, om hem uit te noodigen tot de orde terug te keeren, op verbeurte van uit de koloniën verjaagd te worden en daarin te worden vervangen door een huisge. zin, dat meer verdient genot te hebben van den onder stand, welke de Maatschappij aan ongelukkigen verleent. De gezondheidstoestand kan niet voldoender zijn ; er heeft slechts één stersgeval plaats gehad. Een jongeling, door het bestuur der godshuizen van Doornik geplaatst, is weggeloopen. Er zijn 2 kinderen geboren. De bevolking bedroeg op den 30 Sept. II. 561 zielen,
Lijst der prijsuitdeeling, welke den 14 Sept. 1829 heeft plaats gehad aan de jonge kolonisten, onder wijs ontvangende in de vrije Kolonien te Wortel, van den leermeester L. J. POULLIE,[bewerken | brontekst bewerken]
KLASSE DER JONGENS,
Nederduitsch lezen.
1e Klasse, bestaande uit 21 scholieren.
1e. PIETER DE ROY, van Leuven.
2e. LAURENS VAN DE POELE van Bergen in Henegouwen.
2e. Klasse (24 scholieren ).
1e. J. B. VAN RIET, van Gend.
2e. DOMINICUS VERHELST van Brugge.
3e. Klasse (42 scholieren ).
1e. JAN SMIDT, van Brussel.
2e. KAREL VAN HOORENBEECK, van Maastricht,
Schrijven.
1e. Klasse (21 scholieren ).
1e. PIETER DE ROY, van Leuven.
2e. LAURENS VAN DE POELE, van Bergen in Henegouwen.
2e. Klasse (24 scholieren ).
1e. JOSEPH BOELS, van Brugge.
2e. JOSEPH GADISSEUR, van Couthuin.
3e. Klasse ( 42 scholieren),
1e. JAKOB CORBÉE, van Brugge.
2e. LEON MINNE, van Oostende.
Rekenen.
1e. Klasse (21 scholieren ).
1e. PIETER DE ROY, van Leuven.
2e. ANTONIJ VERBIEND, van St. Elène.
2e. Klasse (24) scholieren).
1e. RAREL HENNICO, van Yperen.
2e, PIETER LEONARD, van Spa.
Prijs van goed gedrag.
LAURENS DU BOIS, van Maastricht,
KLASSE DER MEISJES.
Nederduitsch lezen.
1e. Klasse, bestaande uit 19 scholieren.
1e. MARIA DE WAAL, van Vlissingen.
2e. JULIA MOERMAN van Gend.
2e. Klasse ( 23 scholieren ).
1e. SRANÇOISE VERLEENT, van Bergen in Henegouwen.
2e. CAROLINA VAN HOORENBEECK, van Maastricht.
3e. Klasse (40 scholieren ).
1e. ELIZABETH JACOBS, van Luxemburg.
2e. BARBE NIESSEN 2 9
Schrijven.
1e. Klasse ( 19 scholieren).
1e. MARIA LURSON, van Leuven.
2e. MARIA DE WAAL, van Vlissingen.
24. Klasse (23 scholieren).
1e. THERESIA boon, van Bergen in Henegouwen.
2e, CATHARINA VAN HOORENBEECK, van Maastricht.
3e. Klasse ( 40 scholieren).
1e. ELIZABETH JACOBS, van Luxemburg,
2e. BARBE NIESSEN, van Luxemburg
Rekenen,
1e. Klasse ( 19 scholieren ).
1e. MARIA JANSSENS, van Turnhout,
2e. THERESIA LURSON, van Leuven.
2e, Klasse ( 23 scholieren ),
1e. MARIA MOMMAERTS 2 van Leuven.
2e. MARIA VAN Eetvelde, van St. Nikólaas,
Prijs van goed gedrag.
BERNARDINA WELLENS, van Antwerpen,
Prijzen van aanmoediging,
isROSALIA MARINUS, van Merksplas,
ANNÁ DE GRAAS, van Mechelen.
CATHARINA CUISINIER 2 van Oosterhout.
Over de bedelaarskolonie bij Merksplas-Rijkevorsel, ges durende de maanden Augustus 21 September 1829.[bewerken | brontekst bewerken]
De oogst in deze kolonie heeft meer opgebragt dan in de vrije koloniën. De rogge en de haver zijn dit jaar volkomen geslaagd. Echter kan men zulks niet van de boekweit zeggen, waaraan de regen en nog meer de geweldige winden zeer reel nadeel hebben toegebragt. De opbrengst van dezen oogst zal niet veel hooger zijn, dan een vierde van liel geen' waarop de Maatschappij zoude hebben kunnen reke. ten, indien het weder meer voordeelig geweest ware. De oogst van de in deze kolonie geteelde aardappelen zal zeer overvloedig zijn. De Spurrie, de knollen en de wortelen heloven over vloedige hulpmiddelen om het talrijke vee der Maatschap pij gedurende den winter te voeden. Twee jaren on, dervinding zijn genoegzaam geweest om aan te toonen dat men gelukkiglijk het hooi voor deszelfs onderhoud kan ontberen, gedurende het meest strenge jaargetijde, en de hoevenaars in Oost-Vlaanderen, die als de beste landbouwers van Europa kunnen beschouwd worden, geven ons er het voorbeeld van. Indien zulks zoo niet ware, zoude de Maatschappij van Weldadigheid eene zeer annmerkelijke uitgave hebben moeten doen voor den aankoop van het noodige voeder, om haar vee geduren de den aanstaanden winter te onderhouden. De planting van zeventien duizend witte moerbeziën boomen, welke de Perm. Comm. in den afgeloopen herfst in de koloniale stichtingen heeft laten daarstellen, is niet met den gewenschten uitslag bekroond ; zij blij ven allen kwijnende, en het is zelfs te vreezen, daç verscheidene planten dezen winter zullen sterven, De gezondheidstoestand der bedelaars blijst steeds zeer voldoende ; er heerscht hoegenaamd geene ziekte ; het getal overledenen heeft in Augustus 7 bedragen, in September 1. 79 Bedelaars-kolonisten, die allen gedurende ten min. ste een jaar in deze kolonie geweest waren, zijn in den loop der maanden Augustus en September in vrijheid gesteld geworden, aangezien zij bewijzen van hun goed gedrag en van hunne nijverheid gegeven hadden, en er toe gekomen waren, om hunne schulden bij de Maat schappij, door de oporengst van hunnen arbeid, as te 2 doen. aan Drie andere kolonisten, welke insgelijks vrijheid be komen hadden, om het gesticht te verlaten, hebben bij de Perm. Comm. het verzoek ingediend, om ' s Lands Regering de gunst te verzoeken, om nog een jaar in de kolonie te mogen blijven ; dezelve is hun ver gund geworden. Vijs personen zijn weggeloopen. 29 ' anderen zijn in de kolonie opgenomen. Op den 30 Sept. l. 1. bevonden er zich in het gesticht 656 personen van de beide geslachten. Het godsdienstig en schoolonderwijs wordt steeds met even veel zorg gegeven. Er heeft insgelijks onder de jonge bedelaarskolonisten een prijsuitdeeling plaats ge had ; het onderwijs ·wordt gegeven door den leermeester J. S. GADISSEUR. Over het algemeen heeft men geene reden om zich te beklagen over het gedrag der bedelaarskolonisten ; zij gehoorzamen allen vrij gemakkelijk aan de verordeningen van orde in die kolonie ; maar de Perm. Comm. heeft zich genoodzaakt gezien twee ambtenaren wegens wan gedrag en te buiten gaan van de bevelen van den Heer Inspecteur uit de dienst te ontslaan.
---
De stichtingen der Maatschappij schijnen altijd nog de nieuwsgierigheid van vreemdelingen op te wekken. On der de personen van rang, die dezelve dezen zomer zijn komen bezoeken, heeft men opgemerkt : de HH. Baron DE SELBY, asgezant van Denemarken. De Graas ARRIVABENE, Italiaan. ZAMOYSKI, Senator te Warschau. LADISLA ZAMOYSKI, Poolsch Ossicier. G. PLATHNER, Raadsheer van Ceimenz, in Silezië. KAREL en Otto PLATHNER, Studenten in de Regten in Silezië. CORNISON, landeigenaar te Lyon. YVART, Hoogleeraar in de Koninklijke school te Alsort en lid van de Maatschappij van Land- · bouw te Parijs. HAITMAN, Raadsheer te Petersburg. Baron VAN LYNDEN VAN HEMMEN, lid van de Commissie van Landbouw in Gelderland. GRAAS VAN BERGEYCK, van Beveren. J. A. INSINGER, van Antwerpen.