Maandblad Vriend des Vaderlands van maart 1828 over de Belgische kolonies
Sjabloon:Maandblad Vriend des Vaderlands over de Belgische kolonies
Pagina 187. Le Philanthrope, recueil publié par ordre de la Comm. Perm, de la Société de Bienfaisance, ' établie dans les prov. mérid. du Royaume des Pays Bas, 6e année, 3e livr. Bruxelles, chez WEISSENBRUCH. Février 1828[bewerken | brontekst bewerken]
Osschoon op den titel van dit nummer de maand Se bruarij als tijd der uitgave wordt vermeld, is hetzelve ons niet voor in de eerſte helst van Maart geworden : ech ter, gelijk ałtoos, regtſtreeks door middel van de Pern, Komm. 'te Brusſól; de lézers van de Vriend moeten het ons dus niet ten kwade duiden, dat de laatſte berig ten, nopens de Zuid. koloniën, welke wij kunnen mes dedeelen, van geene jongere dag.teekening zijn, dan
gedurende de maanden Nov, en Dec. 1827.[bewerken | brontekst bewerken]
De kolonisten hebben zich bijzonder bezig gehouden met het omspitten der landen en het gereedmaken der zelve voor de bezaaijing met rogge; welke reeds een schoon aanzien heeft. Terwijl de vrije koloniën tot dus verre niet geheel aan tiet ' oogmerk der Maatschappij beantwoordden, uit hoosde, dat deze laatſte op de kolonisten niet hetzelsde gezág -konde uitoesenen, als op de bewoners der bede laarskolonie, gelooven wij echter, dat thans, ten gevolge van eenige belangrijke veranderingen, welke in de wijze van beſtuur zijn daargeſteld, deze inſtellingen, 'in," het yervolg, de Maatschappij overvloedig zullen beloonen voor de volharding in eene onderneming, welke de aan dacht van verſchillende regeringen tot zich · heeft getrok ken, De Koning van Pruisſen toch heeft eenen eigen handigen brief aan den Ridder YaN KIRCKHOSS te Ant werpen geſchreven, en hem in de vleijendſte bewoordin gen.de voldoening betuigd, welke 2. M. had ondervon den, bij het lezen van zijne Vethandeling, over de Kolonien yan Weldadigheid, in ons rijk daargeſteld. De Koning van Srankrijk heeft den Heer'v. K., door middel van zijnen gezant, de belangſtelling doeli' te ken Den geven, welke hij nam in de berigten, welke gemel de Verhandeling behelst. Het onderwijs wordt in de koloniện met lust voort gezet, en de jonge kolonisten maken er met eenen ijver gebruik van, die de beste vruchten beloost. –- Zoo hopen wij de ingezetenen der koloniën, niet alleen tegen armoede, maar ook tegen zedeloosheid te vrijwaren. Het godsdienſtig onderwijs is thans toevertrouwd aan den Heer Aerts, den 8 Jan. 1.l., door den Aartsbis ſchop van Mechelen tot geestelijke in de vrije koloniën benoemd. De berigten omtrent het gedrag der kolonisten zijn zeer voldoende;. het huisgezin, dat naar de bedelaars kolonie was verzonden, uit hoosde der hardnekkige wei gering van het hoosd deszelven, om zijne kinderen naar de ſchool te zenden, heeft eindelijk berouw getoond over zijne halſtarrigheid, en ongehoorzaamheid aan de wetten der kolonie, en dien ten gevolge is hetzelve naar zijne hoeve in de vrije koloniën terug gekeerd. Geene ernſtige ziekte heeft in de koloniën geheerscht. Er hebben 2 ſtersgevallen en 3 geboorten plaats gehad. Het getal bewoners der vrije koloniën was, op den 31 Dec. 1827, 541.
De waarde der opbrengst van den oogst van 1827 is, als volgt :
In de vrije kolonie Nº. 1 s 5495,25
In de vrije kolonie Nº. 2 s1817,16.
bedelaarskolonie •s 16221,98.
Te zamen in de 3 koloniën. s 23534,39.
Tabel: Opgaaf in het bijzonder, nopens de kolonie Nº. 1.
Tabel: Opgaaf in het bijzonder, nopens de kolonie Nº. 2.
Tabel: Staat van den opbrengst en de waarde van den oogst en het vee in de kolonie Nº. 3, of tot wering der bedelarij.
(pagina 191)
Wat de vrije koloniën echter betrest, moet men opmer's ken, dat het zeer moeijelijk is, de juiste opbrengst der, zelve te weten te komen, naardemaal de huisgezinnen der vrijgemaakte kolonisten er os geene rekening van; hou den, os niet naauwkeurig de waarde opgeven, van het geen zij ingezameld hebben. Daarenboven komt hier in ġeene rekening de opbrengst der tuinen bij elke hoeve, waarvan ieder 60 a roeden groot is, noch het voordeel van 112 koeijen en 175 ſchapen, omdat men zulks niet dan onvolmaakt kan berekenen, en men er daarenboven ook de uitgaven van zoude moeten astrekken voor den aankoop van voeder, in den omtrek der koloniën. Gedurende het geheele jaar is er in geene der koloniën eenige mest aangekocht geworden, dewijl er genoeg in dezelve yervaardigd wordt. Het onderhoud van het vee is minder kostbaar ge weest dan in vorige jaren. Er was in 1827 veel meer voeder, dan in 1826; ook is er dit jaar, door het Be. Ituur, eene nieuwe wijze van voeding der koeijen aangenomen, daarin beſtaande, om dezelve tweemaal daags een vochtig en voederd voedſel te geven, door middel van hetwelk zij het hooi kunnen ontberen, het. welk men gewoon was, uit Holland te laten komen, Deze maatregel van zuinigheid is in de vrije koloniën toen eerst ingevoerd, wanneer de Maatschappij zich ge. noodzaakt heeft gezien, om in groote ſtallen de koeijen te vereenigen, die te voren aan de zorg der kolonisten waren toevertrouwd, aangezien deze laatſten dezelve zoo zeer verwaarloosden, dat verſcheidene koeijen blijk baar vermagerden en geheel verkwijnden. Deze maatregel is echter niet algemeen geweest, daar men aan de ijverige en oppasſende huisgezinnen onder de kolonisten het paar koeijen heeft laten behouden welke zij te voren hadden verkregen. De voordeelige uitkomst van den nieuwen maatregel doet zich reeds gevoelen; de beesten worden beter ver zorgd en zullen der Maatschappij voordeel gaan aanbren gen; de ſchuld der kolonisten, die dagelijks vermeerderde door den aankoop van het noodige beestenvoeder, heeft geheel opgehouden.
Over de bedelaarskolonie gedurende Nov. en Dec. 1827.[bewerken | brontekst bewerken]
De grond dezer kolonie is minder dor van aard, dan die der vrije koloniën; ook is de wijze van bewerking meer eenparig, daar de bedelaars, volgens een vast plan, moeten werken, en de vrije kolonisten, 'in vele opzigten, meester zijn van de bewerking huns gronds. Indien de prijs der aardappelen dit jaar even hoog ware geweest als in 1827, zoude de waarde van derzel ver opbrengst verre die van 1826 hebben overtrossen. Alles te zamen berekend, heeft echter de oogst van 1827, in deze kolonie, s 3832,96 meer bedragen, dan die van 1826. Al de 150 bunders, welke in deze kolonie geheel ontgonnen zijn, hebben van buiten geen anderen mest ontvangen, dan voor de waarde van s 1560, ter aan koop van bladaarde uit de bosſchen, in den omtrek der kolonie; voor kalk, voor raapkoeken en voor ziltig poe der, hetwelk door den Heer DE PUP tot bemesting der landen is uitgevonden en waarvan wij vroeger melding hebben gemaakt. Thans worden 137 hoornbeesten, 9 paarden en 828 schapen gevoed met ' de opbrengst van eenen grond, die, 3 jaren geleden, niets anders dan hei vertoonde. Met de groote hoeveelheid ingezamelde aardappelen en rogge voorziet de Maatschappij reeds, voor het grootſte gedeelte, in de voeding der bedelaars, die zich in het geſticht bevinden; het zoude voor de Maatschappij niet moeijelijk zijn, om de opbrengst karer 'landerijen nog aanmerkelijk te vermeerderen, indien zij de uitgaven iet wilde vermijden; want men weet, dat, met kracht yan mest, men zelfs den dorſten grond vruchtbaar kant maken. Maar zij wil hare ondernemingen voorzigtig be ſturen; ook is de landbouw geen voorwerp van weelde; zoodra een landbouwer, behalve de terugbekoming zijnery onkosten, uit de opbrengst, van zijn veld niet een voordeel trekt, geëvenredigd aan de uitgeſtrektheid van - hetzelve, is zulks gewoonlijk, een bewijs, dat zijné on derneming kwalijk beſtuurd is. Er zijn thańs, -60 bunders met; koren bezaaid, die zich op het ſchoonst vertoonen; in het jaar 1826 waren, er ſlechts 30; bunders met koren bezaaid. Indien de klaver wel gelukt, zal er in den aanſtaanden zomer meer zijn; dan noodig is, voor het onderhoud van het vee, hetwelk men er nu nog voedt met knollen, worten len en ſpurrie, in 1827 geoogst. De bedelaars hebben zoo lang op het land gewerkt,, als zulks door het jaargetijde kon; deze arbeid bestond in het omſpitren van den grond; in het gelijkmaken van denzelven, waar zich heuveltjes en kuilen bevonden zen in het zaaijen van winterkoren. - Zij deden dit werk met de meeste zorg. De vrouwen deelden in dezen arbeid, en wedijverden met de ſterkſte en meest geoesende mannen. 5. Er zijn ſlechts weinige dagen noodig, om de bede laars op te leiden tot eenen arbeid, waarover degenen, die de kolonie bezoeken, zich verwonderen; vooral, wan neer zij de gezangen dezer menſchen, en inzonderheid van de vrouwen, gedurende het werk', hooren. Er zijn in deze kolonie geene nieuwe akkers meer om te ſpitten, en dezelve moeten thans alleen vruchtbaar gemaakt worden. De fabrijkarbeid is vertraagd moeten worden, door dien men in het kleedingmagazijn reeds voor 3 jaren voorraad voor de kolonisten heeft. Het gedrag en de gezondheid der kolonisten laten niets te wenſchen over. Sedert de benoeming van eenen nieuwen geestelijke, wordt de Godsdienst weder geregeld gehouden en het godsdienſtig onderwijs gegeven. Ook is er kortelings een aszonderlijke onderwijzer voor het bedelaarsgeſticht benoemd, zoo dat er door de Maatschappij niets verzuimd wordt, om haar doel te kunnen bereiken, en alles doet hopen, dat deze ſtichting ſpoedig zoo zeer zal bloeijen, dat zij zich zelve kan" on derhouden. Gedurende Nov. 1827 zijn er 13 bedelaars in vrijheid geſteld, “ en 4 geſtorven, op de 810; gedurende Decr. äijn er 8 van 809 geſtorven, en geen in vrijheid geſteld, zoo dat, met de nieuw aangekomenen medegerekend, er zich, op den 31 Dec. 1827, 816 perſonen in bevonden.
.